milieudienst IJmond

Luchtvaartnota

Medio april 2009 presenteerde het kabinet de Luchtvaartnota. In deze nota staan de ambities van het kabinet met betrekking tot de middellange termijn (tot 2020) en de lange termijn (tot 2040).

Inhoud nota
Het kabinet streeft naar een netwerk van verbindingen met de belangrijkste steden en gebieden van de wereld. Hierbij staan duurzaamheid en het behoud van de concurrentiepositie voorop. Uitgangspunt is daarbij selectieve groei van Schiphol. Daarnaast wordt bekeken in hoeverre de vliegvelden van Eindhoven en Lelystad hierbij een rol kunnen vervullen. De Luchtvaartnota is in maart 2010 door de Tweede Kamer controversiëel verklaard. Dat betekent dat over de verdere behandeling pas kan worden besloten na het aantreden van een nieuw kabinet.

Reactie
Omdat er geen mogelijkheid bestond om via een inspraakprocedure te reageren, besloten bestuurders van de zes gemeenten (Beverwijk, Castricum, Heemskerk, Heiloo, Uitgeest en Velsen) om de betrokken ministers een reactie te sturen. De bestuurders spreken in de brief hun bezorgdheid uit over het halen van de dubbeldoelstelling en pleiten voor aanpassing van het gelijkwaardigheidsbeginsel. Hierdoor beoogt men dat het ‘buitengebied’ meer bescherming krijgt dan de Luchtvaartnota nu voorstaat.

Antwoord op reactie
Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat reageerde schriftelijk. Zij geeft in haar reactie onder meer aan dat de aanbeveling afkomstig uit deze regio, om bij de toetsing aan de gelijkwaardigheidcriteria ook een gebiedsafhankelijke hindercomponent te beschouwen, mogelijk meegenomen kan worden in het te starten onderzoek over de wijze waarop in de toekomst zal worden omgegaan met gelijkwaardigheid. Op basis van de onderzoeksresultaten en na bespreking aan de Alderstafel zal het kabinet een besluit nemen.

Participeren
Om de dialoog over dit onderwerp op tafel te houden, blijven bestuurders van de zes gemeenten in gesprek met het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Daarbij staat centraal op welke manier en wanneer invulling aan bovenstaande gaat worden gegeven. Ook zijn de bestuurders beschikbaar om te participeren in het onderzoek.

Luchtruimvisie
In de Luchtvaartnota heeft het kabinet het belang van een goede luchtzijdige bereikbaarheid van Nederland geschetst om een optimale netwerkkwaliteit te kunnen bereiken.
De schaarste aan luchtruimcapaciteit samen met de toegenomen complexiteit in het afhandelen van verkeer vormt een steeds groter knelpunt.
Een goede luchtzijdige bereikbaarheid betekent voor het kabinet een optimaal gebruik van zowel het Nederlandse als Europese luchtruim zodat de capaciteit wordt verhoogd, de uitstoot van schadelijke stoffen wordt verlaagd, de hinder beperkt blijft en de veiligheid geborgd is.
Tenslotte moet sprake zijn van een kostenefficiënte luchtverkeersleiding.

Bovenstaande is reden om met voorrang in te zetten op een visie op het Nederlandse luchtruim.
De opgave in de visie is o.a. het vinden van oplossingen voor de luchtzijdige ontsluiting van Lelystad en Eindhoven, mogelijk maken van hinderbeperkende maatregelen (o.a. CDA's), ontwikkelen van grensoverschrijdend militair oefengebied en het verbeteren van de luchtzijdige ontsluiting van Schiphol met een 4e fix (IAF). Deze startnota markeert het begin van een traject dat eind 2011 uitmondt in een nationale Luchtruimvisie.

Inmiddels ligt er een startnota, die het begin markeert van een traject dat medio 2012 moet leiden tot een nationale Luchtruimvisie.

Experiment met een nieuw normen- en handhavingsstelsel
In 2008 heeft de Tweede Kamer aangegeven dat het bestaande handhavingsstelsel te complex en niet te begrijpen is voor bestuurders en bewoners. Ook leidde dat stelsel, met grenswaarden in zogenaamde handhavingspunten, tot ongewenste situaties. De Alderstafel is daarop verzocht een voorstel voor een nieuw normen- en handhavingsstelsel op te stellen. De hoofdlijnen van dat stelsel zijn opgenomen in het Aldersadvies voor de middellange termijn.

Het ‘nieuwe' stelsel is gebaseerd op strikt geluidspreferentieel baangebruik. Dat wil zeggen dat zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van die banen die de minste geluidhinder voor de omgeving opleveren (i.c. de Kaagbaan en de Polderbaan). Voorts moet de verdere ontwikkeling van Schiphol  plaatsvinden binnen de aan Schiphol toegekende milieuruimte, i.c. de geldende zogenoemde gelijkwaardigheidscriteria. Deze criteria omvatten het aantal geluidbelaste woningen, het aantal ernstig gehinderden en slaapgestoorden. Deze criteria blijven in het nieuwe stelsel gehandhaafd als toetsingskader naast de regels over baan- en routegebruik. In het Operationeel plan, dat de sector jaarlijks opstelt, wordt getoetst of het verwachte verkeer kan worden afgehandeld binnen deze criteria.

De Alderstafel heeft voorgesteld eerst twee jaar te experimenteren met het nieuwe stelsel en zal daarna de staatssecretaris van het ministerie van I&M adviseren over het al dan niet definitief invoeren van het nieuwe stelsel.